Even Voorstellen....

Ik ben Trijnie Krol - van de Belt

 

              

              

Trijnie door de jaren heen

Ik ben geboren in Zuidwolde in de provincie Drenthe op een maart 1951. Ik ben opgegroeid in het dorp Veeningen dat ligt tussen  Zuidwolde en De Wijk. De lagere school wat nu basis school heet stond in Veeningen. Na de basis school ben ik naar Meppel gegaan. Daar bezocht ik de u.l.o.* Een diploma heb ik echter niet behaald . Ik had er moeite mee om te leren. Had geen goede begeleiding. Had er geen idee van hoe het huiswerk gemaakt moest worden. Ik deed maar wat. Helaas niet het juiste.

Ik kom uit een gezin met 6 kinderen. Toen ik 3 jaar was is mijn moeder opgenomen in Hellendoorn in het sanatorium met tbc. Deze 18 maanden zonder haar zijn van grote invloed geweest op  en in mijn verdere leven. Op 17 jarige leeftijd ontmoette  ik Jan Krol, waarmee ik op 27 november 1970 getrouwd ben.

Na een half jaartje pendelen van hem naar Stolwijk en ik bij mijn ouders thuis verhuisden we in mei 1971 naar Woerden. We woonden op een flat, 5 hoog, wat in die tijd een hele overgang voor me was. Jan werkte daar op het gemeentehuis. Om overdag wat gezelschap te hebben en om me niet al te verlaten te voelen kochten we een puppy. Het was een roodharige Cocker Spaniel, die we Kendal noemden. We woonden nog maar enkele maanden in Woerden toen Jan werd opgeroepen, dat zijn moeder een hersenbloeding had gehad en op sterven lag. Inmiddels wist ik dat ik zwanger was en op 4 april 1972 werd onze dochter Annerie geboren.

In 1975 zijn we toen naar Drenthe terug gekomen. Jan kreeg een baan bij de gemeente Sleen. Daar is in september onze zoon Bertrik geboren. Na 15 jaar in de Westrupstraat te hebben gewoond zijn we verhuisd naar de Vennebroekstraat 8. Dat we gingen verhuizen had er mee te maken dat ik in juni 1985 te horen kreeg dat ik de ziekte van Parkinson had.

Van 1983 tot 1989 heb ik vrouwengroepen begeleid ....de V.O.S cursussen heten die destijds. Zal voor sommige mensen nog wel bekend zijn. Ook ben in deze tijd actief geweest voor de Parkinson vereniging.....was o.a enkele jaren provinciaal contactpersoon en draaide als yopper mee in het hoofdbestuur. Yopper staat voor jonge mensen tot 56 jaar met de ziekte van Parkinson.

De cursus Kruispunt is door mij in het leven geroepen. Een cursus waarin aandacht werd besteed hoe om te gaan met Parkinson in het dagelijkse leven. Deze cursus heb ik 10 jaar samen met Jose Y. gegeven en met erg veel plezier. Ook heb ik jaren lang voorlichting gegeven aan groepen van verschillende aard hoe het is om te leven met Parkinson. Maar op een gegeven moment heb je het allemaal wel gehad en neem je het besluit: Ik stop er mee.

In 1992 ben ik begonnen met schilderen en schrijven. Dat mensen mijn schilderswerk wel konden waarderen blijkt uit de vele verkopen die ik heb gedaan. Ook mijn gedichten, die ik in boekjesvorm heb uitgegeven (liet een aantal gedichten kopiëren en dan in de vorm van een klein boekje) vonden hun weg naar diverse mensen.

Exposeren in die tijd heb ik veel gedaan...., dat is de laatste tijd wat minder omdat het vrij veel energie kost (mij althans). Maar zo af en toe vind ik een plek waar ze wel ruimte hebben om wat van mijn werk uit te stallen.

Ik ben een gelukkig mens geniet van mijn kinderen en vooral van mijn kleinkinderen. Twee keer per maand passen we daar op. We rijden dan naar Zwolle en genieten daar van Emma en Jasper. De liefde en het vertrouwen wat deze twee kleine mensjes me geven maakt oa de ziekte beter verteerbaar.

Accepteren van deze ziekte zal ik wel nooit helemaal kunnen maar heb wel mijn weg gevonden om er zo goed mogelijk mee om te gaan.

Vanaf mei 2008 zit ik op de dagopvang Noorderbrug in Westerbork.

**********

 

(interview met de website van Sleen)

Portret van Trijnie Krol- van der Belt

Menigeen in onze omgeving heeft werk van Trijnie (Zuidwolde 1951) kunnen bewonderen, op verschillende markten in Sleen en omgeving of zoals onlangs nog in de Schoel. Geboren (1951) en getogen in Zuidwolde, kwam de kleine maar o zo actieve mevrouw Krol in 1975 met echtgenoot Jan en kinderen in Sleen wonen.      

Schilderen was er overigens totaal niet bij, dat kwam jaren later. In 1985 werd bij een nog jonge Trijnie de ziekte van Parkinson geconstateerd, wat de nodige impact had en heeft op haar en haar gezin. In 1989 opperde een vriendin, die volgens zeggen nogal actief was in het “alternatieve circuit” het idee, van “jij moet iets met kleuren gaan doen, dat is vast goed voor jou”. Ondanks het feit dat Trijnie van mening was dat ze over een redelijk gelijkmatig humeur beschikte en dat er geen noemenswaardige sombere buien overdreven, werd toch overgegaan tot de aanschaf van een doosje waterverf met bijbehorend klein kwastje. Zoals ze het zelf verwoordt, “ik kun nog geen poessie teken’n, dus ik dacht wat mut dat word’n”

Ze ging enthousiast aan het mengen met de verschillende kleuren en algauw kwam de acrylverf en gouache er ook aan te pas. Op het AKE (Amateur Kunstenaars Emmen) probeerde ze zich o.a. de gouachetechniek meester te maken, maar lessen in de schilderkunst waren niet echt aan Trijnie besteed “ Het gekke is als ik op les zit, een aander leert er wat, moar ikke niks, ik heb mien eigen manier anne leert”
Ze zet wat op en gooit soms letterlijk de verf op het doek, en gaat dan vervolgens met bijvoorbeeld een plamuurmes de verschillende kleuren door elkaar mengen. Naast de kwast en haar blote handen gebruikt ze ook stukjes papier om te schilderen, maar ook letterlijk ter opvulling van het schilderij. Zo heeft ze wel eens een pak koffiefilters opgeofferd om het gewenste effect te krijgen. Ook sierpleister kwam wel eens van pas, en dan niet op de muur maar om een prachtig reliëf op het schilderij te creëren.

Een cursus portrettekenen was ook niet aan Trijnie besteed. Alhoewel men op cursus vond dat ze het lelijkste portret gemaakt had, vond men ook dat het toch met de meeste sfeer omgeven was.
Op de vraag of ze haar kleindochter al heeft geportretteerd, reageert ze dan ook met, “nee, doar woag ik mij ok niet an, want dat wordt niks”
De broodnodige inspiratie
Een paar jaar geleden kreeg Trijnie een brief van een bewonderaarster, die schreef dat ze zich had staan te vergapen aan de schilderijen, en zich afvroeg welke techniek er aan te pas was gekomen. Nou, die was er dus niet.
Heel in het begin wilde ze natuurlijk graag dat iedereen haar werk mooi vond, op een gegeven moment keerde dat om, het maakte haar niet meer uit of een ander het mooi vond, als ze het zelf maar mooi vond. Zo heeft ze zichzelf op een morgen geschilderd, en wel met een zeer bijzondere techniek.

Door belemmeringen veroorzaakt door de ziekte van parkinson maakt Trijnie het zich gemakkelijk door ongekleed te slapen. De gewoonte om ’s morgens vroeg net uit bed de kwast te hanteren bracht haar op een lumineus idee. Een zelfportret, maar dan niet met de kwast geschilderd op doek, maar door haar lichaam met verf te besmeuren en vervolgens datzelfde lichaam aan het papier op de grond toe te vertrouwen, waardoor de afdruk van haar lijf achterbleef. Dit heeft ze vervolgens op fraaie wijze bewerkt.
Er is een tijd geweest dat ze dagelijks schilderde, totdat de inspiratie weg was, zoals ze het zelf beschrijft.” Ik schilderde alles bruun en dood”, wat zoveel wil zeggen, dat ze steeds maar door ging met nog een kleur en nog een kleur, net zolang tot er eigenlijk geen kleur meer te bekennen was. Toen brak er een periode aan van zo’n twee jaar waarin ze vooral in de tuin en binnenshuis de boel aan het veranderen ging. Achter de computer was ze ook moeilijk weg te slaan.

Op oudejaarsdag 2006 kwam de inspiratie en de zin om er wat mee te doen terug. Een drieluik was het resultaat, wat nu de muur boven de bank in de huiskamer siert. Op internet kwam ze in aanraking met intuïtieve schilderkunst, wat tot gevolg heeft gehad, dat ze zowaar momenteel hierin lessen volgt. Deze manier van je gevoel (eventueel aangewakkerd door muzikale klanken) aan het doek toe te vertrouwen, heeft al weer tot fraaie resultaten geleid. Zo heeft ze een fruitschaal die ze in huis had staan op doek geschilderd. De fruitschaal als zodanig is weliswaar niet te herkennen, maar het gevoel bij de vorm en kleur is zeer herkenbaar.
’t Is altied aans
Exposeren is er de laatste jaren ook bij ingeschoten, het kostte haar o.a. teveel moeite om alles vet - en vlekvrij te krijgen. Binnenkort is haar werk overigens weer te zien in de muziekschool in Stadskanaal.

Grote voorbeelden heeft ze niet, een kunstkenner vindt ze zichzelf absoluut niet. Een vaste stijl heeft ze niet, “’t is toch altied aans”. Wel kan ze werken van anderen bewonderen, zo ook die van Henk Helmantel. Leuke anekdote is, dat tijdens zo’n bezoek, mevrouw Helmantel een werk van Trijnie heeft gekocht.

De amateur-kunstenares kan vrij gemakkelijk afstand doen van haar werk, “Vooral in de periode dat ik dacht, ik schilder nooit meer, gaf ik het makkelijk weg aan iemand die er wat mee had, maar an iemand die erop anproatte, zeker niet”.

Poëzie en Kunst
Naast het feit dat er een schilderij “Bloeiend hout” met een echte pruimentak opgesierd met beschilderde stenen uit Denemarken de kamer kleurt, heeft Trijnie ook een schilderij met bijpassend gedicht.
Gedichten maken is iets wat ze ook al jaren doet, er is zelfs een bundeltje van haar gedichten uitgegeven. Wat mij vooral van haar gedichten is bijgebleven, is de soms confronterende manier van omgaan met de ziekte van Parkinson, maar daarnaast ook het intense gevoel van vrouw zijn.

Hieronder volgen twee van haar gedichten

Schijn, egoïstisch, emotioneel,
twijfelaar, duizendpoot.
De lijst is te lang om te noteren,
het lijkt warempel of ik mezelf bestempel
als iemand die er niet mag zijn.
Maar dat is schijn ,
ik leer meer en meer,
dat ik er, zo ik ben, mag zijn.


Meervoudig
mijn buitenste ik en binnenste ik,
Een samenspel tussen niet en wel,
Tussen licht en donker,
Opgewekt of somber,
Accepteren lijkt op jongleren,
In wankel evenwicht,
Mijn buitenste en binnenste ik
Verwoorden van gedachten,
geeft onbekende krachten,
Samen delen hoeft niet met velen.
Samen helen mijn buitenste en binnenste ik.
  
Bron: website sleen.nu